Verzoeningen

columnVerzoeningen Teaser







Houston heeft ook een IKEA. Eentje zoals we die allemaal kennen: een kolossale loods in kindvriendelijk blauw en geel langs de snelweg, softijsjes vlakbij het kinderparadijs, gezellige vleesballetjes in het restaurant en vlotte meubels en woonsnufjes uitgestald in een gigantisch doolhof over twee verdiepingen. Toen we de bezorging van een bed wilden regelen, stonden we lang te wachten omdat de IKEA-medewerker een partij spullen moest terugnemen van een stel starters. Hoewel de hele operatie iets raadselachtigs had (een afgeblazen huwelijk? slachtoffers van de economische crisis?), was het niet dit jonge paar dat tot mijn verbeelding sprak, maar de medewerker. Het was namelijk onmogelijk met zekerheid vast te stellen van welk geslacht deze was. Met het raden ernaar was ik een half uurtje zoet.

Toen de vermaarde beat-dichter Allen Ginsberg eind jaren zestig de nog onbekende, straatarme Patti Smith uit de brand hielp met een muntje voor een broodje bij de automatiek, was hij lichtelijk teleurgesteld om te ontdekken dat zij niet het ‘knappe jongetje’ bleek voor wie hij haar had aangezien. In haar recent verschenen memoires, Just Kids, vertelt Smith ook dat iemand haar in diezelfde periode vroeg of ze androgyn was. Het was een term die ze niet kende. Omdat de vragensteller Mick Jagger als voorbeeld gaf, dacht Smith dat hij jolie-laide bedoelde, een moeilijk vertaalbaar begrip dat zoveel betekent als onconventioneel aantrekkelijk. De link tussen beide termen is natuurlijk dat twee zogenaamde tegenstellingen met elkaar worden verzoend: mannelijk (andro) en vrouwelijk (gyn) en mooi (jolie) en lelijk (laide). Vermoedelijk was Smith wél vertrouwd met het verwante ‘uniseks’, een verschijnsel dat haar hoogtij beleefde in de jaren zeventig. Uniseks is een stijl van kleding en haardracht die - zou je kunnen zeggen - zich onttrekt aan de typische man-vrouw polarisatie. Zowel uniseks als androgynie zijn als termen nog weinig in zwang, maar de fenomenen zelf blijken als vorm van expressie voor eigenzinnige types gelukkig tegen de tijd bestand.

Op het toonaangevende streetwear blog The Sartorialist verschijnen geregeld foto’s van eigenzinnige types: de metroseksueel en zijn voorloper, de dandy en vrouwen die lak hebben aan de eis van decoratieve, sexy vrouwelijkheid, zoals de Engelse architecte Sophie Hicks (ook te zien in het lente/zomer nummer van COS-Magazine). Hicks is een opmerkelijke verschijning, zowel androgyn als jolie-laide, een fusie van schijnbare tegenstellingen: jongensachtig maar rijp, mannelijk maar kwetsbaar, vrouwelijk maar onopgesmukt. Ze doet denken aan de rijzige, androgyne aristocrate Vita Sackville-West, op wie Virginia Woolf zo verzot was dat zij een hele roman aan haar persoon wijdde, de formidabel geestige pseudo-biografie Orlando (1928), bij velen bekend door de verfilming van Sally Potter (1993). In Orlando zet Woolf de sekse-verschillen neer als een farce en een cultureel artefact gecreëerd en in stand gehouden door specifieke kledingvoorschriften. “Kleren veranderen de wijze waarop wij de wereld zien en die waarop de wereld ons ziet”, schrijft ze.

Het is misschien geen grote verrassing dat androgynie niet door de mainstream wordt omarmd, al lijkt het met o.a. de populaire boyfriend jeans en skaterhair wel een ‘momentje’ te beleven. Het blijven de vertrouwde hoge hakken, transparante stoffen en sexy jurkjes die volgens de glossies de blits maken. De Amerikaanse nieuwszender CNN vertoonde onlangs een item over de ‘menaissance’. Een clubje (mannelijke) professoren was vastbesloten de strijd aan te binden met de metroseksueel en de zogeheten feminisering van mannen. Zij riepen op de biologische basis van masculiniteit te bestuderen. Deze veelzeggende angst voor ‘feminisering’ steekt telkens de kop op als er maar iets van vrouwelijke waarden (zoals zorgen) of vrouwelijke gewoontes (zoals aandacht voor het uiterlijk) meer de algemene norm dreigt te worden. Waaruit je overigens mag concluderen dat het met het aanzien en de status van vrouwen reuze meevalt (d.w.z. tegenvalt), ondanks het halleluja van het post-feminisme.

De IKEA-medewerker slofte lichtelijk voorovergebogen rond, met een air van gecultiveerde nonchalance. Hier werd niet behaagd of gekoketteerd noch de bink uitgehangen. Er was zorg aan het uiterlijk besteed. Zo was er in de korte, onregelmatige afro een scheiding aangebracht die parallel liep aan de haargrens, ongeveer een centimeter vanaf het voorhoofd, als een haarband. Bepaald een originele look. Een loeistrak leren vetertje met zilveren amulet accentueerde een ranke pols. De hele motoriek en expressie maakte een relaxte, evenwichtige indruk. Deze persoon zat duidelijk goed in het - smetteloze - vel.

In het boek Gender Shock van Phyllis Burke (1996) wordt beschreven hoe in de Verenigde Staten kinderen die zich niet conform hun sekse gedragen in toenemende mate worden gepathologiseerd: deze ‘sissies’ en ‘tomboys’ worden dan opgezadeld met een psychiatrische diagnose als gender dysforie (genderverwarring) en bijhorende ‘behandeling’. You gotta be kidding! Is het dan zo’n ramp als een jongetje liever met poppen speelt en zijn nagels wil lakken, of een meisje geen zin heeft in prinsessenjurkjes en lang haar zoals het dochtertje Shiloh van het Hollywood powercouple Jolie-Pitt; een klassieke tomboy? Wat staat er eigenlijk op het spel? In het Volkskrant magazine werd een paar jaar geleden een aantal gezinnen geportretteerd dat hun kinderen toestond drastisch van de gendernorm af te wijken, zónder er een probleem van te maken, ook al deed de buitenwereld dat vaak wel. Is ambiguïteit nu werkelijk een probleem en zo ja, wiens probleem is het dan? En is het soms mijn recht om te weten van welk geslacht de IKEA-medewerker is? Heeft die niet het volste recht om dat in het midden te laten?

Dit alles vroeg ik mij af, terwijl ik inmiddels iets terughoudender de onconventioneel aantrekkelijke IKEA-medewerker observeerde. Na dertig minuten kon die ons eindelijk te woord staan. Pas toen we bij de balie aanschoven viel mijn oog op het naambordje, dat toch al die tijd op het gele shirt zat gespeld. Briana stond daarop.

Tekst: Semira Dallali
Beeld 1: Petra Aanraad
Beeld 2 : Jeroen Vonk



Semira Dallali