Borstkanker, schoonheid en seksualiteit

Borstkanker, schoonheid en seksualiteit

Ongeveer 13.000 vrouwen krijgen in Nederland jaarlijks de diagnose borstkanker en rond de 3500 overlijden daaraan. Dit betekent dat iedereen in Nederland wel iemand in zijn directe omgeving moet kennen die borstkanker heeft of heeft gehad. 
Allereerst is na het voelen van een knobbeltje in de borst de moed nodig om de confrontatie aan te gaan met het gegeven dat je misschien kanker hebt. Dan is er de fase van de gang naar de medische hulpverlening. Daarna het moeten verwerken van de zekerheid dat je echt kanker hebt, met alle angst en onzekerheid die dat met zich meebrengt. Dan volgt het op een rijtje zetten van de mogelijkheden die behandeling oplevert en dan de behandeling zelf.
En dan begint vervolgens het ‘echte werk’, namelijk omgaan met het feit dat er iets is gebeurd met je lichaam en dat de tekenen daarvan in principe zichtbaar blijven.


Slikken
In het leven is het voor velen al lastig te accepteren dat het lichaam veroudert en dat dat proces niet is tegen te houden. ‘Ik word oud!’ riep een bijna vijftigjarige vrouw kort geleden in ons bijzijn uit toen ze haar mailbox opende en een serie foto´s bekeek die van haar waren gemaakt. De zender van de foto’s had haar niet blij gemaakt. Borstkankerpatiënten zouden vermoedelijk verbaasd zijn bij het horen van deze verzuchting. Deze vrouwen, en dat zijn zowel de twintigjarigen als tachtigjarigen, moeten na de behandeling de confrontatie aan met een lichaam waarin gesneden is en juist in een plek die door velen gezien wordt als het meest vrouwelijke lichaamsdeel. Dit is en blijft moeilijk, veel moeilijker dan ‘gewoon verouderen’, ook al bestaat er in Nederland, veel minder dan bijvoorbeeld in Amerika, een cultuur waarin men op borsten is gericht.


Behandeling
In ons lichaam vindt een continu proces plaats van celdeling. Elk lichaam is opgebouwd uit miljarden cellen. Voortdurend worden nieuwe cellen gevormd, die ontstaan door middel van celdeling: uit één cel ontstaan twee cellen. Deze delen zich ook, in een oneindig proces. Borstkanker is een ongecontroleerde deling van cellen en begint aan de binnenkant van de melkgangen van de borst. De kankercellen verspreiden zich door de borst en kunnen via de lymfeklieren (in de oksel) of de bloedsomloop op andere plekken in het lichaam terecht komen. Is dit het geval, dan zullen ook de andere aangetaste delen van het lichaam behandeld moeten worden.
De behandeling van borstkanker is gestandaardiseerd, wat betekent dat er landelijk strakke regels zijn voorgeschreven welke behandeling de verschillende borstkankerpatiënten krijgen. Of een patiënt een borstbesparende operatie krijgt of een amputatie, is afhankelijk van de mate waarin de borst aangetast is door de kanker. Bij de behandeling van borstkanker is heel vaak sprake van een operatie van de borst met eventueel nog bestraling en/of chemotherapie en/of hormonale therapie. Soms wordt een patiënt niet geopereerd, bijvoorbeeld als er al zoveel uitzaaiingen zijn dat genezing niet meer mogelijk is.
Bestraling, chemotherapie en hormonale therapie worden in verschillende combinaties toegepast. Zo zijn er patiënten die na de operatie alleen nog bestraald worden. Sommigen krijgen bestraling, chemotherapie en hormonale therapie. Ook is mogelijk dat de behandeling begint met chemotherapie, bijvoorbeeld als de tumor te groot is om zonder meer veilig borstsparend te kunnen behandelen. Dan kan er eerst een chemobehandeling worden gegeven met als doel te streven naar verkleining van de tumor zodat een borstsparende behandeling wél veilig is.  
Hormonale therapie wordt gegeven aan patiënten bij wie de tumorcellen groeien en zich uitbreiden onder invloed van de hormonen oestrogeen en/of progesteron. Deze hormonen die elke vrouw aanmaakt, zijn o.a. verantwoordelijk voor de voortplanting en de geslachtsontwikkeling zoals het krijgen van borsten.
Bestraling is nodig om het DNA te vernietigen dat zich in de kern van de kankercellen bevindt. Daardoor sterven de slechte cellen af.
Sommige patiënten ondergaan naast een borstoperatie ook een zogenaamd okselkliertoilet, wat inhoudt dat er lymfeklieren in de oksel worden verwijderd. Lymfeklieren zijn verantwoordelijk voor de afvoer van vocht. Een okselkliertoilet gebeurt wanneer er uitzaaiingen zijn naar deze klieren. 

Emoties
Borstkanker is een ziekte die een grote impact heeft op patiënten. Veel vrouwen denken dat ze na de behandeling nooit meer mooi zullen zijn. De praktijk wijst uit dat dit niet waar is, waarvan ook de foto´s getuigen in het boek ‘Borstbeelden’, van de chirurge Ingeborg Mares.
Borstkankerpatiënten hebben, behalve de littekens in het borstgebied en eventueel de oksel(s)  nog andere lichamelijke gevolgen van de behandeling die ze ondergingen. Zo kunnen mensen door chemobehandeling in één keer grijs worden en kan haar met slag steil worden. Ook brengt een hormoontherapie veel vrouwen in een korte tijd in de overgang, met alle verschijnselen van dien. Bovendien kan de verwijdering van lymfeklieren leiden tot lymfoedeem in de arm, wat inhoudt dat de arm aan de kant van de operatie abnormaal veel vocht vasthoudt.
Inmiddels blijkt  het grootste deel van alle borstkankerpatiënten de ziekte te overleven. Wanneer vrouwen de behandeling succesvol hebben ondergaan en weer vertrouwen hebben gekregen in hun lichaam, dan kunnen ze de angst goeddeels achter zich laten en op zoek gaan naar een nieuwe balans in hun leven.


Wel of geen reconstructie
Als de behandeling achter de rug is, kan de patiënt kiezen voor een reconstructie van de borst of voor verder leven met wat over is van de borst na het verwijderen van de tumor. Verder leven zonder reconstructie betekent leven met bijvoorbeeld maar één borst, of met een vervormde borst of zelfs zonder borsten, wanneer tumoren in beide borsten verwijderd zijn. Ook kan een losse prothese aangebracht worden, of een prothese ín een borst.
Veel patiënten kiezen voor het dragen van een losse prothese. Nadeel van deze oplossing is dat een prothese in een laag uitgesneden decolleté zichtbaar kan zijn, evenals als in een badpak. Vaak leidt het dragen van een losse prothese ook nog tot een zweterig gevoel in de bh. Bovendien wordt de patiënt, iedere keer dat ze de bh uitdoet, steeds opnieuw geconfronteerd met de geamputeerde borst.
Bij elke andere oplossing staat voorop dat de patiënt opnieuw geopereerd moet worden, vaak zelfs meer dan één keer. Een belangrijke overweging daarbij is wat de patiënt aan kan. Helaas kan slechts in een enkel geval de borstreconstructie al direct tegelijk met het weghalen van de tumor worden gedaan. Als een patiënt bijvoorbeeld naderhand nog bestraald moeten worden, is gelijktijdige reconstructie niet mogelijk vanwege het effect dat de bestraling heeft op de weefsels. Die moeten eerst herstellen voor dat aan de reconstructie kan worden begonnen.
Een mogelijke borstreconstructie is het plaatsen van een siliconenimplantaat onder de borstspier. Hierbij zijn twee operaties nodig. Bij de eerste operatie wordt een ‘expander’ geplaatst die nodig is om de ruimte onder de huid en de spier op te rekken. Pas bij de tweede operatie wordt het implantaat geplaatst. Wil de vrouw daarna nog dat er een tepel wordt nagemaakt, dan volgt een derde ingreep. Bij een reconstructie met siliconen is belangrijk te weten dat de borst koud aanvoelt, dit in tegenstelling tot borsten die worden opgevuld (vergroot) met dit materiaal. In het laatste geval wordt het implantaat namelijk onder de borstklier geplaatst, In het eerste geval zit het veel dichter onder de oppervlakte van de huid.
Een reconstructie waarbij de borst net zo aanvoelt als de rest van het lichaam is mogelijk wanneer gekozen wordt voor de buiklapmethode. De huid met vet- en soms spierweefsel wordt uit de onderbuik losgesneden en in de vorm van een borst ingehecht op de borstwand. Ook kan huid met onderhuids vetweefsel en spier van de rug naar de borst worden gebracht (rugspiermethode).


Seksualiteit

Borstkanker beïnvloedt een relatie niet alleen op het vlak van de emoties, maar raakt ook de seksualiteit. Sommige vrouwen schamen zich om hun behandelde lichaam aan hun partner te laten zien. Wanneer een partner moeite heeft met de amputatie, maakt dat het uiteraard nog moeilijker.
Ook als dat niet het geval is, wordt de seksbeleving anders, volgens de artsen. Zo´n ziekte die raakt aan vragen over leven en dood, roept angst op en veroorzaakt bij veel patiënten dan ook depressiegevoelens. Angst en depressie zijn niet bevorderlijk voor het libido. Maar ook chemotherapie levert een aanslag op de hormonen die verantwoordelijk zijn voor het libido, net als de hormoontherapie die deze hormonen juist blokkeert. Elke vrouw heeft namelijk vrouwelijke hormonen nodig om opgewonden te raken. Seksualiteit is vaak een communicatiemiddel tussen twee mensen en als er iets verandert in dat aspect van de relatie , kan dat een negatieve invloed hebben op de totale relatie. Vandaar dat het erg belangrijk is dat patiënten met borstkanker in de gelegenheid gesteld worden om over hun geestelijke, relationele en seksuele problemen te praten.

Tekst: Henna Goudzand Nahar en Heske van der Vossen
Beeld: foto van ‘tittie’, designer Aart Roelandt 1990