Columns

Herfstnummer 2010


Op de lagere school maakte ik al het eerste rokje voor mezelf. Ik wilde mode-ontwerpster worden en schreef me, na de middelbare school, in bij de Rietveld Academie maar werd niet aangenomen. Ik had niet genoeg eigen werk om te laten zien. Zo is die opleiding er niet van gekomen. Ik had toen beter naar een modevakschool kunnen gaan, maar ik koos voor de sociale academie. Met kleding maken bleef ik bezig. Vanaf mijn zestiende ben ik synchroonzwemtrainster en bij deze tak van sport is het de gewoonte dat de zwemsters tijdens uitvoeringen speciale zwemkleding dragen. In het begin van mijn trainerscarrière kochten we de zwempakken in sportwinkels en dan nam ik het op me om ze te versieren. Maar al gauw ging ik de badpakken helemaal maken. Na een tijdje kreeg ik verzoeken van  andere synchroongroepen om ook voor hen de kleding te verzorgen.



Voor mijn werk heb ik een klein rood kindertasje gekocht. Ik snoep en eet niet zoveel, maar toch werd ik alsmaar dikker. Ik denk dat dit te maken heeft met mijn leeftijd. Ik ben 50.
In mijn vorige baan kon je tussen de middag een gezonde lunch bestellen voor weinig geld. Dat was altijd een huisgemaakte soep, een bord salade en een glas karnemelk. In mijn huidige baan is er geen kantine en niet eens een plek om gezellig te eten. Ik vrees dat het gevaar op de loer ligt, dat ik meer ga eten om toch die gezelligheid te creëren. Dat leek me niet zo’n goede ontwikkeling, zeker niet vanwege mijn gewichtstoename.
Ina

Het was het bekende verhaal: jarenlang lijnen, de ponden die er afsmolten en er ook zo weer aanvlogen: het jojo effect. Na 11 jaar van diëten, waarin ik mijn eigen gewicht er meerdere keren af had gelijnd, ontdekte ik niet alleen dat ik per saldo zelfs zwaarder was geworden, maar ook dat ik alleen nog maar bezig was met eten of niet-eten. Twee keer bij de Weight Watchers en twee keer slank begonnen met het voornemen om nooit meer dik te worden. En toch ging het steeds mis. Het gevoel van honger, maar ook van ‘vol’, had ik zolang onderdrukt dat ik het niet meer herkende. Eetgewoontes had ik niet: ik vastte of schransde en ‘normaal’ eten kon ik niet meer.

 

 

Mijn broer Remco heeft nog altijd contact met zijn ex-vriendin Wendy, hoewel er van een liefdesrelatie geen sprake meer is. Zo’n 15 jaar geleden ontmoetten ze elkaar en, naar eigen zeggen, sloeg de vonk direct over. Ze waren beiden in de fase van afstuderen: zij voor de studierichting tandheelkunde en hij voor de richting communicatiewetenschappen. Beiden slaagden met vlag en wimpel, dus een feestje hoorde erbij. Op dat feest zag ik Wendy voor het eerst.




Ik heb een zus die aan obesitas lijdt. Ze is moeder van een dochter (26 jaar) en een zoon (28 jaar). Haar kinderen hebben gelukkig een gezond gewicht. Ik schat dat mijn zus tussen de 130 en de 150 kilo weegt en ze is maar 1 meter 70. Ik zie bij mijn zus dat het overgewicht haar belemmert in haar mogelijkheden. Ze kan fysiek weinig. Door haar uiterlijk accepteert ze ook meer van haar echtgenoot dan goed is voor haar.

Twee jaar geleden zegde ik na 20 jaar mijn abonnement op de Volkskrant op. Irritatie had de overhand gekregen. Ik vond eigenlijk alleen de wekelijkse column van Nausicaa Marbe nog de moeite waard en soms een ingestuurd stuk. Om de kruiswoordpuzzel, die ik braaf iedere ochtend oploste, houd je een krant niet aan. Al eerder was ik afgestapt van de gezellig verkneuterde en verkleuterde Nederlandse televisie en de door horizontalisering vervlakte, ingekakte Nederlandse radio. Laten we maar aannemen dat het aan mij lag. Voor het journaal schakelde ik over op CNN International en BBC World en voor achtergronden stemde ik dagelijks af op de radiozender van BBC World. Het overige nieuws plukte ik her en der van het Internet. Via Google News, bijvoorbeeld, kun je je eigen rubrieken aanmaken en krijg je automatisch links naar relevante artikelen overal vandaan. Wel in het Engels, waardoor het Nederlandse nieuws verder op de achtergrond raakte. Maar dat vond ik allerminst een bezwaar.
Syndicate content